Blog van Vlindertaal

Kleuren


Rood, turquoise, groen. Wat ben je mooi en zo anders. Anders dan de ander en toch zo passend. Kleuren, die elk voor zich spreken en elk een verhaal vertellen. Over jezelf durven zijn, over perfectie en over de grootste potentie. Verhalen over dieren en elfen, die anders zijn dan anderen en die ieder op zich de wereld kleur geven.

 

Vlindertaal ontstond in de zomer van 2015, het begin van een drieluik. ‘Het geheim van het Elfje’ volgt in de lente van 2017. En de derde? De kleuren en het concept staan sinds vorige week vast, de tijd zal laten zien wanneer de woorden en illustraties verschijnen. Stap voor stap en met de stroom mee. Dat is de manier waarop wij werken.

 

Vlindertaal was er het eerst, het diertje werd op de eerste bladzijde geboren. Vele honderden boeken werden verkocht. Met Vlindertaal kwamen ook wij in een nieuw leven en met nieuwe kansen. We ontmoetten bijzondere mensen en leerden zo veel. We leerden over wat je moet doen als het gaat om boeken, wat je anders zou kunnen doen en wat je zeker niet meer moet doen. We leerden van en over onszelf. We leerden hoe belangrijk het is om in je boodschap te staan.

 

 

Al die lessen nemen we mee in onze volgende creatie: ‘Het geheim van het Elfje’. ‘Het geheim van het Elfje’ is een filosofisch kinderverhaal voor mensjes van 5-99 jaar om te leren dat de wereld niet perfect hoeft te zijn, als het maar werkt. Een boek om in te werken en waar iedereen uit kan halen wat hij nodig heeft.

 

De reeks van drie is er niet voor niets. Het gaat over je plek durven claimen in deze wereld en je bijdrage leveren. Elk boek doet dat op een andere illustratieve manier en is er voor kinderen groot en klein. ‘Het zijn de kinderen die nog durven dromen en die nog niet beïnvloed zijn. Bij grote mensen zien we zo vaak dat er geen balans is. Het zijn de kinderen die we van jongs af aan kunnen leren over het leven, zodat zij hun bijdrage kunnen leveren. Dat heeft de wereld nodig.’

 

In de lente is ‘Het geheim van het Elfje’ klaar, in het Nederlands en in het Engels. Het concept staat, de teksten zijn gereed. Op dit moment wordt gewerkt aan de vormgeving, waarna de drukkerij het overneemt. Waarom de lente? In de lente wordt van alles nieuw geboren en natuurlijk omdat elfen van de lente houden. 

 

 



1 Comments

Eilanden en jezelf durven zijn


In een strandpaviljoen in Zandvoort hingen enkele foto’s. Van een afstandje zag het er bijzonder uit en het beeld trok mij aan terwijl ik er langsliep. Dichterbij zag ik in al het moois dat het een verhaal was. Het verhaal van een artiest - Anouk van de Beek – over mensen die net eilanden zijn en leven omdat de zee leeft. Boven de zee zie je losse eilanden, onder het water zijn ze hetzelfde en allemaal verbonden met elkaar.

De in Azië genomen foto’s en de bijhorende poëtische tekst gaven mij exact hetzelfde gevoel dat ik had tussen de fjorden. Die ultieme verbinding met de natuur, wetend en ervarend dat er zo veel meer is dan alleen jij. Van die kunst houd ik het meest, de kunst die een ander raakt en aanzet tot denken. Deze kunstenaar kon dat in één oogopslag laten ervaren.

De vergelijking van mensen met Aziatische eilanden of Noorse fjorden had ik niet eerder gemaakt, maar leek me nu zo logisch. Boven de oppervlakte lijken individuen anders in grootte en in uitingen en lijken ze apart van elkaar te staan. Onder water zie je pas dat ze allemaal hetzelfde zijn en dat er beweging is door de omgeving waarin ze leven.

Het leven onder en boven water wordt in de veranderkunde vaker geschetst als een ijsschots. Slechts 5% van de schots is zichtbaar, de rest niet. Het beeld wordt gebruikt om de verhouding van het bewuste (5% )en onbewuste (95%) uit te leggen. 

 

Van wat we doen, doen we het merendeel onbewust. Denk er maar eens over na hoe we lopen, praten, bewegen. Ook worden andere vergelijkingen gemaakt met behulp van de foto van een schots. Gedrag, overigens heel vaak niet bewust,  is bijvoorbeeld zichtbaar in systemen (5%), zoals een bedrijf of een familie, gevoelens en emoties zie je niet (95%).

Het is dus aannemelijk dat er onder water veel gebeurt. Vaak focussen we ons echter alleen op wat we zien, terwijl er juist ook elders zo veel, zo niet meer, aan de hand is. Bij mensen, bij systemen, bij problemen. Het is een kunst dat te zien, te ervaren en daar aandacht aan te besteden. Te beginnen bij onszelf.

Hoe beter in verbinding onder water hoe meer ruimte er is. Ruimte om te groeien, te leven, te zien en te zijn. Ruimte voor moed, ruimte om te doen en ruimte om te gaan. Hoe meer in contact, des te meer kunnen we zien en voelen wat er werkelijk is. Dan ook kunnen we leren van elkaar. De oudsten van de jongsten en andersom. Want als we in verbinding zijn, dan zit de wijsheid in ons allemaal, is onze leeftijd slechts een getal en ons uiterlijk is slechts 5% van wie ze zijn. Vandaaruit kunnen we oplossen en creëren, omdat we zijn wie we werkelijk zijn, zonder pretenties, zonder aannames. Namelijk helemaal en gewoon onszelf.



0 Comments

de moed om stappen te nemen


 

Met een stralende glimlach, mooi en zelfverzekerd zie ik haar voor me. Maanden terug had ze de eerste ideeën. Omdat ze wist dat het kon, omdat ze de kansen zag, omdat ze een bijdrage aan de wereld wilde leveren. Nu is het zover. Alles wat vanuit nieuwsgierigheid en verlangen borrelde, is in moois naar boven gekomen of als gedachteflitsen verdwenen. Het een lukt heel goed, het andere is anders dan verwacht.

 

Met een energieke mail vraagt ze haar netwerk te helpen en natuurlijk doe ik dat. Net als zovelen die ze ooit geraakt heeft, want trots, dat zijn we allemaal. Trots dat je zo iemand kent en trots op de daadkracht dat je doet waarin je gelooft. Wat zou het fijn zijn als dat zichtbaar was, hoe ze gedragen en gesteund wordt in de stappen die ze neemt en die voor haar belangrijk zijn. Wat zou het fijn zijn als je soms heel even vol bewondering naar jezelf zou kunnen kijken, zoals een ander dat doet.

 

Want achter dat zelfverzekerd vragen en die stralende lach zit ook een criticus. Dat stemmetje dat zegt: ben ik wel goed genoeg? Als je het alleen moet doen, als je besluit in je eentje te werken dan zijn de complimenten voor jou. Als je in contact bent, dan ben je in contact met jezelf. De veiligheid van duiken of het systeem is niet meer. Je kunt je niet defensief opstellen of belangrijke dingen vermijden. 

 

 

 

 

Je moed om lef te hebben om je kwetsbaar op te stellen, dat brengt soms innerlijke spanning met zich mee. Die spanning, die voelt niet alleen zij. Velen om mij heen die grote of kleine stappen nemen in het leven met hun waarden, die kennen datzelfde gevoel. Dat gevoel dat je op de hoge duikplank staat voordat je springt. ‘Zou ik het wel doen, terwijl iedereen naar mij kijkt. Wat als het mis gaat?’ Het gevoel dat markeert dat je over de grens van je comfortzone gaat en een edge bereikt. Dat gevoel dat verdwijnt als je springt en ziet dat achter die comfortabele grens nog een hele wereld is. De wereld van mogelijkheden, van creativiteit, van ruimte. ‘Living on the edge’ biedt een weg naar meer. 

 

Je eigen weg volgen en je eigen kansen scheppen, vergt zelfbeheersing, zelfvertrouwen en lef, zodat je de verleiding tot confirmeren kunt weerstaan. Het brengt je echte verbinding, levensvreugde en succes. 

 

Zie jezelf eens stralen, Jantien en al die anderen om mij hen die kleine en grote stappen nemen.. Wat ben ik trots op jou!



0 Comments

Creatief zijn


 

Hippiebusjes, toneelvoorstellingen, knutselende meisjes, filmende mannen. Bij het woord creatief heeft iedereen een eigen beeld of associatie. Of dat recht doet aan het begrip creatief is de vraag.

 

Een kind is creatief, hoe jonger, hoe creatiever. Door de jaren onderwijs (en opvoeding) en de ontwikkeling van de cognitie verdwijnt de creativiteit echter veelal naar de achtergrond. De nadruk wordt immers gelegd op de kaders en hoe te denken, vaak lineair. Daarmee is er automatisch voor creativiteit minder ruimte. Dat heeft gevolgen. We leren op dezelfde manier denken en op dezelfde manier op te lossen, terwijl originaliteit juist nieuwe kansen aan het licht brengt, ook in het bedrijfsleven.

 

Met veel plezier ga ik naar Buitenkunst. Daar wordt gecreëerd vanuit het niets. Jong en oud, dik en dun, manager of schoonmaker. Het doet er niet toe. Met dat wat er is, wordt iets nieuws gemaakt. Voor even in de fysieke wereld en voor langer in herinnering. Zonder aannames, pretenties, zonder moeten. Dan is er veel moois mogelijk.

 

‘Jij bent creatief en ik ben dat niet’. De laatste keer dat ik het hoorde was vier dagen geleden tijdens de jaarlijkse familiedag. Ik ben creatief in de beleving van de ander, omdat ik niet altijd binnen de lijntjes kleur, omdat ik een boek heb geschreven of omdat ik een filmpje kan editen. 

 

De stempel lijkt gemakkelijk te zetten. Toch denk ik dat het simpeler is, want iedereen is creatief. Het is niet de vraag of je creatief bent, maar hoe je creatief bent en hoe je daar de tijd voor neemt in je dagelijkse werk en privéleven. En hoe je op die manier jouw steentje bijdraagt.

 

Gelukkig zijn er voldoende plekken waar creativiteit een centrale plek krijgt en gestimuleerd wordt. Ook binnen het onderwijs. Zo is er een school in Haarlem die meent dat creativiteit niet alleen nodig is op het toneel, maar juist ook in de wetenschap. Anders kunnen denken, oplossingen vinden die niet bestaan. Iets nieuws zien, verzinnen of doen. Het begint met creativiteit. Er zijn tal van prachtige voorbeelden van innovaties die alleen met creativiteit ontstaan zijn.

 

Best nuttig dus, creativiteit. Essentieel zelfs. Zonde om alleen een kind of kunstenaar creatief te noemen. Probeer eens op jouw manier creatief te zijn. Neem de tijd om even niets te doen, al is het maar een paar minuten. Kijk om je heen. Wat zie je, wat trekt je aandacht en waarom. Droom en fantaseer. Doe er iets mee. Experimenteer en durf fouten te maken. En nog eens, en nog eens. Je zult versteld staan van je eigen creatieve kunnen. Het ziet er op zijn minst kleurrijk uit.

 



0 Comments

dat er zo veel liefde is


‘Laten we begrijpen wat liefde is’, dat zijn de laatste woorden van het gedicht van Griet op de Beeck enkele weken terug tijdens De Wereld Draait Door. Op zo’n dag dat lijkt alsof de wereld doldraait. De dag dat angst identificeerbaar is en er ondertussen zo veel liefde is. Voelbaar. De tegenstellingen als dag en nacht en warm en koud. Liefde en angst, hand in hand, gepaard en de een niet zichtbaar zonder de ander.

 

De dag dat die woorden mij zo diep raakten, was twee dagen na mijn vier dagen onderzoek over de vraag wat liefde eigenlijk is. Die dagen waarin ik, hoe meer ik probeerde te weten of te begrijpen, stiller werd en niets meer wist. Behalve dat in die stilte liefde is. Met daarin zo veel mogelijkheden.

 

En dat er zo veel liefde is.

 

Terwijl ik naast mijn zieke zoontje zit, terwijl ik luister naar de boosheid van een collega, terwijl ik ook niet weet waar de wereld morgen is of waar ik morgen ben, terwijl ik bang ben. Als ik mijn ogen sluit, dan voel ik het. En denk dan dat liefde vooral is: zijn. De beste versie van jezelf die op dat moment mogelijk is.

  

 

Liefde is kwetsbaarheid. Liefde is luisteren zonder oordeel. Liefde is een vraag stellen en de ander het antwoord laten geven. Liefde is delen. Liefde is laten zijn wat er is, laten gebeuren wat er moet gebeuren. Liefde is laten gaan. Liefde is leren van de dingen die er op je pad komen. Liefde is radicale transparantie en niet slechts een stuk laten zien.

 

Liefde is hoopvol zijn. Liefde is leven vanuit eigen waarden en die delen met anderen. Met mijn kinderen. Hen leren wat liefde is. Want hoe klein ook, veel systemen van liefde zijn de optelsom van iets groots. Laten we dat niet alleen begrijpen, maar vooral ook voelen. Ook als er pijn is en angst, ook als het weken later is, ook als het buiten ons oplossingsvermogen lijkt te liggen. Want zelfs dan is er altijd een steentje dat kan bijdragen. Vanuit liefde kun je beter kiezen. Kun je er beter zijn voor een ander. Kun je beter creëren. Vanuit die eigenheid kun je van een afstandje kijken naar wat er nodig en mogelijk is. 

 

En zo is liefde tot veel toe in staat.



0 Comments

Een waardevol compliment


Hij zat vooraan in de klas met zijn hoofd voorovergebogen, het jongetje met de helderblauwe ogen en het sprekende gezicht. Hij bewoog wat heen en weer op zijn stoel, keek me aan en dan snel weer weg. Waar hij was met zijn gedachten kon ik niet bevatten. Braaf volgde hij toen ik hem vroeg de stickers uit te delen. Zonder uitdrukking van trots of blijheid, zoals een ander kind dat zou doen. Hij deed gewoon wat hem gevraagd werd. Zoals altijd waarschijnlijk.

 

Voorbij dat ene tafeltje vooraan werd er ijverig gewerkt. Op de wangen van de kinderen verscheen een kleur, bij enkelen stak zelfs de tong uit hun mond. ‘Mag ik ook meer dingen opschrijven?‘ vroeg een meisje rechts achterin. Het verbaasde me hoe snel de 7-jarigen hun eigen ‘sterktes’ boven tafel wisten te halen. Geen voetbal, hardlopen of hockey werden genoemd, maar: ‘ik ben goed in mezelf zijn, buiten de lijntjes kleuren, lekkere dingen koken en vrolijk zijn’. Ze hunkerden naar meer.

 

Nog steeds zat daar dat ene mannetje. Voorovergebogen, meer dan daarvoor. Een lege sticker lag voor zijn neus. Tranen druppelden over zijn gezicht. Stilletjes, zodat niemand het zag. ‘Niets, ik ben nergens goed in’, zei hij toen ik het hem vroeg. Samen schreven we wat op, maar ik realiseerde me maar al te goed dat dat zeker niet de lading dekte of hem een goed gevoel zou geven. De volgende opdracht volgde…

 

 

 

Ook het opschrift van de tweede sticker, die voor een klasgenoot bedoeld was, voelde gekunsteld bij het mannetje vooraan. Want als je niets goeds over jezelf kunt zeggen, hoe kun je dat dan voor een ander? En dat terwijl het zo mooi was in de rest van de klas. 

Binnen een mum van tijd wisten de klasgenootjes hun tweede sticker in te kleuren, ditmaal voor een ander. Gezichtjes straalden bij het geven en ontvangen. 

 

Het is wonderlijk hoe een kind in de meeste gevallen dat zo goed kan. Hoe vaak gebeurt dat in de grotemensenwereld? Hoe vaak wordt gezegd dat iets goed is? Terwijl er zo veel moois te benoemen is. Zo veel goeds, zo veel kleurrijks, we zien het soms niets eens. Het is aan ons om dat weer op te pakken, net als een kind. Ons te verwonderen over wat mooi is, de sprankeling te zien bij een ander en vooral blij te zijn met wie we zijn. Het is het punt waar vanuit alles begint.

 

Toeval of niet, de juf trok de naam van het jongetje met de helderblauwe ogen en zijn sprekende gezicht. Heel even zag ik hem stralen toen ze de sticker met opschrift op zijn buik plakte. Wat is het waardevol om een compliment te krijgen.



0 Comments

Bijzonder gewoon


Deze week gaven wij 5 exemplaren 'Vlindertaal' weg aan bijzondere kinderen 5-99 jaar. Iedereen die zo iemand wist kon ons berichten.

 

Een bijzonder iemand noemen: eigenlijk een onmogelijke opdracht. Kijk je naar de vertaling van het woord ‘Bijzonder’ dan kom je een scala aan betekenissen tegen die niet gewoon zijn, aldus de Dikke van Dale. ‘Bijzonder’ is raar en buiten het gewone, ‘Bijzonder’ is uniek en uitmuntend. ‘Bijzonder’ is vreemd en zeldzaam. Hoe gewoon is bijzonder? Als je bijzonder bent dan wijk je af van het algemeen heersende. Voor de gene die afwijkt is het heel gewoon om eigen te zijn. Voor de ander is het anders en dus bijzonder.

 

De meeste kinderen vinden zichzelf, als je er naar vraagt, ‘Bijzonder’. Gewoon omdat ze iets kunnen wat een ander niet kan. Ik hoor het verlangen naar bijzonderheid door de kinderwoorden heen en vraag me af of we dat niet allemaal zouden willen. Een beetje groter, roder, dunner, creatiever zijn dan een ander? Of iets anders doen of denken, omdat je nou eenmaal zo bent. ‘Bijzonder’ zijn is best aantrekkelijk, ‘gewoon is al saai genoeg’.

 

Ik ken veel bijzondere mensen die afwijken van het gewone. Ik hou van bijzondere mensen, omdat ze zichzelf durven zijn en iets unieks te bieden hebben. Mensen die hun eigen weg durven te gaan, mensen die kwetsbaar durven te zijn, mensen die een mening hebben en zij die zichzelf durven te laten zien. 

 

 

 

 

De man die een visie heeft en hem uitvoert, de vrouw die met haar hart de strijd met borstkanker aangaat, het meisje dat niemand vergeet als je haar gezien hebt. Krachtig en succesvol, voorbeelden om te volgen. Al dat ‘Bijzondere’ maakt het kleurrijk en is dynamisch.

 

‘Bijzonder’ is iets anders dan gewoon en niet te vangen of te ordenen. Dat is soms lastig in een gestructureerde wereld en waar het de bedoeling de gezette paden te bewandelen of binnen de lijntjes te kleuren. De toneelvoorstelling van BOG vorige week gaf een prachtig beeld van bedachte concepten en van wat gewoon is. 3 Belgische en 1 Nederlandse toneelmaker namen het publiek mee in hun gedachtegang en de waanzin van het gangbare. De concluderende boodschap van het onalledaagse gezelschap: wij mensen maken iets gewoon en stoppen het in een hokje, omdat we bang zijn voor het vreemde en controle willen houden. Logisch en bijzonder tegelijk. 

 

Binnen de lijntjes of niet. Iets heel gewoons kan bijzonder op zichzelf zijn. De alledaagse momenten, een blik, een glimlach, de zon, een wandeling, connectie, een compliment. Een levenskunst om van die gewone momenten te genieten. Gedurende de dag zijn er immers genoeg uitdagingen om al het bijzonder gewone niet meer te zien.



0 Comments

gekleurde plaatjes


De kleurplaat van de kleuters en groep 3 was overzichtelijk: een sint met aan zijn zijde twee pieten. Die voor bovenbouw was andere koek. Veel afbeeldingen en vakjes tekenden het papier van een feestelijke decemberdag. ‘Moet ik dat echt allemaal inkleuren’,  vroeg mijn middelste zoon, die er bij gedachte alleen al aan niet blij van werd. ‘Alleen als je wilt’, antwoordde ik direct, maar heel zeker was ik er niet van. Toetsen en huiswerk leken me verplicht, maar meedoen aan een kleurwedstrijd doe je alleen als je daar zin in hebt. Met die woorden bleven drie kleurplaten een week lang onaangetast op de keukentafel liggen. Tot het moment dat twee van de drie kereltjes de avond voor de deadline aan de slag gingen. De een met kleurpotloden in zijn hand en tong uit zijn mond. De ander met een grote kwast en 1 kleur verf: zwart.

 

Twee minuten later was de kleurplaat van de laatste omgetoverd tot een nachtelijk tafereel. Als je heel goed keek, dan zag je de lijnen van de tekeningen nog. ‘Heb je goud’, vroeg mijn oudste zoon van 11. Met sterren en glitters kleurde hij de winternacht binnen mum van tijd. 

 

 

‘Klaar’ zei hij met een vrolijk gezicht en vooral trots op zijn uitvoering van de nogal bewerkelijke kleurplaat voor de Sint wedstrijd op school. Bewerkelijk, althans als je binnen de lijntjes zou kleuren.

 

Even dacht ik dat hij het voor zich zelf zou houden, maar de volgende dag vertrok hij blij als altijd met zijn huiswerk en kleurplaat naar school. Vol zelfvertrouwen en de kracht zich kwetsbaar op te stellen. Het zou hem niet wezen als hij zijn creatie niet met een ander zou durven delen. Ik vind dat gewoon, bijzonder en dapper.

 

‘Ik hoop dat de pieten het kunnen waarderen’ zei de juf, gevolgd door een welgemeende lach van de hele klas. Ik hoop datzelfde en vraag me oprecht af waarom niet. Want waarom zouden we creativiteit en anders denken niet kunnen waarderen. We zouden het vaker moeten doen. Problemen van een andere kant bekijken en er een twist aan geven. Het donker maken terwijl het dag is. Het goud kleuren terwijl het grauw oogt. Het simpel maken terwijl het bewerkelijk lijkt. Geheel van uit jezelf en met respect voor de ander. Het zou een plaatje wezen.



1 Comments

Co-creatie tijdens de workshops



30 verbaasde snoetjes keken mij aan. ‘Eerst de vragen dan het verhaal.’ Alsof ze het toetje mogen eten voordat ze aan tafel gaan. Een methode die ik vaker gebruik, bewust of onbewust. Belangrijk immers om te weten wie er voor je zit en de juiste woorden te kiezen. 30 vingers gaan omhoog en een batterij aan vragen volgt.

 

‘Waarom is jouw jurk rood’? ‘Wilde je altijd schrijver worden’? ‘Wat betekent de titel’? ‘Wat is inspiratie?’ en ‘Ben je bang dat je verhaal gekopieerd wordt?’. Vooral die laatste vraag had ik niet kunnen bedenken en gaf mij voldoende handvatten om mijn verhaal te maken. Over inspiratie gesproken.

 

De opbouw maakt dat mijn verhaal nooit hetzelfde is. De boodschap wel, de manier waarop hangt echter af van wat er om me heen gebeurt. Van wat de dag brengt en wie er voor me zit. Op zijn minst gezegd blijft dat spannend, omdat je nooit letterlijk weet wat er komen gaat. Juist ook die ruimte maakt meer mogelijk, omdat de grenzen verder reiken dan de sheets die er zijn of de structuur die vooraf bepaald is.




Natuurlijk had ik de workshop goed voorbereid, de passages in het boek gearceerd en de bijbehorende oefeningen doorgenomen. In mijn eigen hoofd en geacteerd met mijn oudste zoon van 11, die daardoor met een heel nieuw idee kwam. Inzichten en interactie maken iets dynamisch en leveren meer dan je alleen en op papier had kunnen bedenken. Het begin van co-creatie waarbij het licht van een ander een idee verrijkt, meer dan de optelsom van 2 losse concepten.

 

In het licht van co-creatie krijgt ‘kopiëren’ een andere lading. Het heeft met delen te maken en inspiratie voor een ander. De kopieervraag van het prachtige meisje werd het begin van mijn verhaal. In kindertaal legde ik het principe uit, waarna ik vertelde over de  kracht van de verbeelding. Een stukje voorlezen volgde met de vraag de hoofdpersoon te omschrijven. Geen enkel kind had hetzelfde plaatje, voorspelbaar want fantasie is niet vastomlijnd. Ik eindigde met de rode jurk. De inleiding naar de kleurenoefening kon niet beter. Of ik bang ben dat mijn verhaal gekopieerd wordt? Niet echt. Delen doet bewegen en maakt het altijd anders.





0 Comments

Spelen als een kind


 


‘Waar hou jij eigenlijk van?’, vroeg de prachtige moeder aan haar  6-jarige zoon. ‘Van jou mama’, antwoordde het stralende jongen met zijn betoverende ogen en zijn bijzondere snoetje. ‘En van vrijheid, dat je niet hoeft te doen wat een ander zegt en dat je gewoon jezelf mag zijn.’

 

Kinderlijke wijsheid, die waar is voor vele leeftijdsgenoten. Hoeveel kinderen willen dat niet, volledig zichzelf kunnen zijn? Al spelend tussen de lessen door, laverend tussen wat wel en niet mag, wat wel en niet hoort, wat wel en niet van hen verwacht wordt, gaan zij op zoek naar de grenzen van hun eigen vrijheid. Kind zijn is een prachtige speeltuin waarin het nog geoorloofd is dat je aan het leren bent. Tot dat moment dat je oud genoeg bent en klaargestoomd bent voor de grote wereld, waarin spelen niet meer gewoon is, grenzen vrijheid beperken en ‘moeten’ de overhand heeft. De wereld van de grote mensen, die zogenaamd weten wat wel en niet hoort, wat wel en niet werkt en hoe het leven geleefd moet worden.

 

Maar hoe waar is dat eigenlijk? In hoeverre is de grote mensenwereld een voorbeeld voor een kind. Hoeveel mensen durven gewoon zichzelf te zijn, zonder dat de ander bepaalt wat hij of zij moet doen? Hoeveel wordt er nog gespeeld en hoeveel ruimte is er nog voor iets anders? 

 

 


In het FD van 3 oktober illustreert een bellenblazende figuur het artikel ‘Het belang van niets doen’. ‘Als we geen tijd nemen voor ononderbroken en spontane denkprocessen komen persoonlijke groei, inzicht en creativiteit in de knel.’ Die grote mensen wereld is dus lang zo productief niet.

 

Volwassenen zijn een voorbeeld voor een kind van de lessen die zij leerden en om hen op weg te helpen. Laat het kind andersom ook een spiegel zijn. De vrijheid, de trots, de fantasie en het ononderbroken spelen. Het levert een volwassene heel wat op, plezier in de eerste plaats en met een beetje geluk brengt het je nieuwe ideeën om je complexe problemen op te lossen. 

 

Spelen dus en de grenzen opzoeken. Als we allemaal namelijk doen wat hoort en wat we gewend zijn te doen verandert er niet zo veel. Op zich niets mis mee als het soepel loopt. Er zijn echter genoeg voorbeelden in de wereld van volwassenen waar een andere blik, een andere kleur, een andere grens nieuw licht zou kunnen schijnen en een beweging op gang zou kunnen brengen. Give it a try!



1 Comments

Een blik naar binnen


Ken je dat van vroeger? Dat de leraar vraagt hoe de schrijver het verhaal bedoeld had. Ik plaatste daar destijds geregeld mijn vraagtekens bij. Gaat het voor een groot deel niet om de interpretatie van de ontvanger en om de verbeelding van de lezer. Een boek wordt immers gelezen door de bril van de ander, die met zijn of haar perspectief het bedoelde van de schrijver kan kleuren of verkleuren. Niets mis mee, maar wel goed om je dat te realiseren. Als lezer en als schrijver.

 

Van verschillende kanten en perspectieven krijgen wij prachtige reacties op het boek Vlindertaal. ‘Prachtig vormgegeven’, ‘Ik wou dat er iemand was die mij zo’n verhaal had voorgelezen’, ‘Zo aaibaar’, ‘Om over na te denken’, ‘Een blij gevoel’. En iedereen doet er het zijne mee, delen met een kind of volwassene of het krijgt een mooi plaatsje in de kast. Eigenlijk precies zoals op grote lijnen bedoeld was.

 

Het was een kinderpsycholoog die mij vroeg wie de exacte doelgroep was. En die vraag zette mij verder aan tot denken. Want hangt het niet bij alles af van wat je vragen zijn, hoe je wijsheid is, waar je interesses liggen, welke moeilijkheden je kent en hoe trots je op jezelf bent. Over hokjes heen, geen traditionele indeling dus, maar overstijgend en aansluitend op die vragen die leven.


 

Vlindertaal is een boek geschreven in kindertaal met een diepere boodschap. Vlindertaal gaat over durven vertrouwen op en bevorderen van je eigenheid en uniciteit. Het helpt je interesse te hebben in de dingen waar je goed in bent. Vlindertaal is er voor kleine en grote mensen die een blik naar binnen durven nemen, naar de essentie van wie ze zijn. Vlindertaal is voor iedereen die zich af durft te vragen of wat je vandaag doet bijdraagt aan waar je morgen wil zijn. 

 

Daarmee is Vlindertaal voor kinderen van alle leeftijden, van jong tot oud, van 5 tot 99. Vlindertaal is voor kinderen die gewoon zichzelf zijn en voor kinderen die zich anders voelen. Voor zieke kinderen en voor gezonde kinderen. Klein en groot. Het is een boek wat een kind voor zichzelf kan lezen of met iemand anders. Met een vader of een moeder, een (kinder)therapeut of -coach. Vlindertaal is een ontdekking hoe je heel gewoon jezelf kunt zijn, zonder dat iemand bepaalt hoe het moet.

 

En als we allemaal onszelf zouden durven zijn, dan creëren we iets met zijn allen. Een wereld waar iedereen houdt van de dingen waar hij het meest van houdt en doet wat hij moet doen, ongeacht waar je vandaan komt of wat je hebt gestudeerd. Het zou een plaatje wezen.



0 Comments

Speech boekpresentatie vlindertaal

Onlangs vroeg iemand mij: Wilde jij altijd al schrijver worden? Schrijver dacht ik? Waar heb je het over? Maar vanaf vandaag mag ik volmondig zeggen dat ik schrijver ben. Sterker nog het zou wat raar zijn als ik het zou ontkennen. Toch roept de titel iets opstandigs in mij op. Ik zal je vertellen waarom.


Toen Daan Roosegarde in Zomergasten werd bestempeld als industrieel vormgever ontkende hij deze titel. Hij was naar eigen zeggen ‘kunstenaar die een nieuwe wereld creëert met verbeelding’. De titel Industrieel vormgever is te beperkt en plaatst iemand in een hokje. Daar heeft de wereld dan een beeld van, van hoe zo iemand zich dan gedraagt, van wat hij vindt en van hoe hij er uitziet. En eigenlijk is het niet de bedoeling om uit dat hokje te stappen. Want stel je eens voor als het anders is. 

 

Ik geloof dat er heel wat mensen in hokjes zitten waar ze niet in passen. Liever zou ik dan ook over de grenzen van die hokjes kijken. Ik denk dat de wereld er kleurrijker van zou zijn. En laat dat nou net de drijfveer zijn van waaruit ik werk, woon en leef. En van waaruit Vlindertaal ontstaan is. 

Als je van rood houdt in een blauwe wereld, hou er van. Als je wilt rennen, ren en als je wilt zingen, zing dan! Ongeacht van waar je vandaan komt, wat je gestudeerd hebt of waar je van houdt.

 

Intermezzo ‘Maskerman van Stef Bos’, gezongen door Steffie Schols, begeleid door Bram Schermel op de gitaar

 

Ik zal het gemakkelijk maken: vanaf vandaag ben ik dus eigenlijk schrijver. Ons menselijk brein is immers zo bedacht dat we associaties zoeken en dat iets in een hokje past. Dat doen we allemaal. Ook ik. Liever noem ik mezelf woordenkunstenaar, terwijl Matthja beeldenkunstenaar is. Wel een hokje, zelfde bedoeling en net even anders.

Een schrijver heeft een verhaal en schrijft een boek. Hier was dat anders, ik was geen schrijver, had wel een verhaal en schreef een boek. Het verhaal is niet alleen van mij. Het is een bundeling van woorden over wat inspiratie geeft in mijn leven, als dochter, vriendin, vrouw en moeder. Inspiratie die ik krijg van familie, van mensen waarmee ik werk, van mensen die ik ontmoet, van vrienden. Van wijze woorden of pijnlijke lessen. Van bewondering en verwondering. 

Ik zal je er 3 noemen in de vorm van waardes.

 

Lef

Een van de drijfveren van mijn bestaan is kijken of het anders kan. Daar waar een stoplicht staat, je afvragen of ie er werkelijk hoort te staan. Je kunt het rebels noemen of denken in mogelijkheden. Het is maar hoe je het bekijkt. Vol bewondering werk ik met mensen die hetzelfde denken, die durven buiten de lijntjes te kleuren. Toevallig is dat binnen het hokje zorg. Het had ook anders kunnen wezen. Dokters en wetenschappers die buiten hun hokje durven te werken vind ik dapper. Maar ook mensen die hun zekerheden op durven te geven en initiatieven starten omdat ze weten dat dat moet. Die durven te werken voor hun idealen en aansluiten op hun waarden. Die niet alles wat gezegd wordt geloven, die verder durven te kijken dan het begrensde, die op de duikplank staan en springen, die niet klagen maar doen, die op het werk niet anders zijn dan thuis. Mensen die gewoon zichzelf durven zijn. Ik geloof dat we er een betere wereld mee kunnen creëren. En dat is nodig. 

In die setting ontmoette ik Matthja, met dezelfde energie, zelfde gedachten en dat werkt! Durven zeggen wat je wel en niet kan. Dan is de optelsom van 1 en 1 meer dan 2. Het gaat vliegen.

Puurheid 

Echtheid, authenticiteit, eigenheid. Zo zichtbaar bij kinderen. Bij mijn drie prachtige zonen en bij Matthjas prachtige dochters: Kinderen zijn spiegels van jezelf. Kinderen raken je diepste punten, de bewondering, de pijn, de leermomenten. Dat wat jij weet op te lossen, daar hoeven zij niet meer naar om te kijken. En soms dealen zij met zaken die jij niet kent. Stellen ze vragen die je niet kunt beantwoorden. Een reis samen op elkaars levenspad. Het zijn de kinderen die nog durven dromen, trots zijn op hun kunnen en overtuigd zijn van hun sterktes. 


Liefde

Een glimp in de supermarkt bij de kassa, een handdruk voor even, ontmoetingen voor een jaar, vriendschappen voor altijd, de liefde van je leven, de geboorte van je kind. Allen met een boodschap. Allen inspiratie.


Intermezzo ‘Inspiratie van Mathilde Santing’, gezongen door Steffie Schols, begeleid door Bram Schermel op de gitaar


Een verhaal geboren uit inspiratie is niets anders dan een vel vol woorden en met wat inspanning brengt het je naar een andere wereld. Een boek is iets heel anders. Een boek kun je vastpakken en het heeft een vorm die de verbeelding stimuleert. Het zijn letters die spreken, kleuren die passen, plaatjes die kloppen. Het is een kunst van woorden een boek te kunnen maken.

Matthja is zo’n kunstenaar die dat kan. De woorden kan zij in lijnen vertalen en tot de verbeelding laten spreken. En wel zo dat er nog zo veel ruimte is voor eigen suggestie. Want gaat het niet juist daarom, dat we allemaal ons eigen verhaal lezen, interpreteren en leven. En kunnen we niet juist door al die verschillende kleuren en gedachten samen tot iets prachtigs komen. Het is slechts een kwestie van durven. Van jezelf durven zijn. Dat is de essentie van ons boek Vlindertaal. Samen gecreëerd, elk vanuit zijn eigen kunnen. Co-creatie op en top.

Vlindertaal gaat over een diertje dat leeft in een blauwe wereld en houdt van rood. Het is bedoeld voor kinderen vanaf 5 tot 99, als inspiratie, als steun en als bevestiging. 

Voorgelezen door Tobias Kerstens, 11 jaar: ‘Toen ik in de blauwe wereld leefde, ging ik steeds meer van blauw houden. Niet van dat echte blauw maar van turquoise de kleur van de zee, Nooit meer zag ik iets dat op rood leek. Ik zei zelfs dat ik niet van rood hield, dat dacht ik toen echt.’

Totdat er een droom was die leek alsof het echt was. Er was een lampje in hem gaan branden. Maar ondertussen was er een groot probleem. Want ‘Hoe kun je nou in een blauwe wereld leven en van rood houden?’ Lessen volgen op het pad van het diertje, waarvan de simpelste bleek: ‘Het enige wat je te doen hebt is kijken in de spiegel. Dat wat jij geeft aan de wereld, dat ben jij.’ 

 

Hoe mooi zou het zijn als we dat allemaal zouden kunnen, hoe mooi zou de wereld er dan uitzien? Als we allemaal ons zelf zouden durven zijn. Ik sluit me aan bij de woorden van de Daan Roosegaarde: We staan aan de rand van een nieuwe wereld. Innovatie en verbeelding kunnen samengaan door iets nieuws te verbeelden. Als kunstenaar kun je daar voorstellen voor doen. 

En laat dat nou net de functie van Vlindertaal zijn. Stel je eens voor. 


Intermezzo ‘Imagine van John Lennon’, gezongen door Steffie Schols, begeleid door Bram Schermel en Tobias Kerstens op de gitaar


2 Comments

Uitvliegen


Over een paar dagen wordt ons boek Vlindertaal gelanceerd. Is het leuk? Jazeker! Is dat spannend? Ja en nee. We leggen je uit waarom. 


Ken je dat? Dat woorden komen zonder na te denken en dat zo een verhaal gaat leven. Dat gebeurde ook bij het verhaal van Vlindertaal over ‘een ieniemie iemand die op een warme zomernacht geboren werd’. Met die woorden ging een beestje leven, kreeg het een huis, een familie en vrienden, ging het naar school en leefde het zijn leven vol lessen. En met resultaat: Het diertje leerde hoe hij volledig zichzelf durfde te zijn en wat hij daarmee de wereld te bieden had. En dat resultaat wilde het diertje graag delen. En de schrijver met hem.


Begin 2014 was Vlindertaal af. Allemaal letters op papier. Die letters deelde de schrijver vervolgens met ca 20 kleine en grote mensen. Mensen die het begrepen en mensen die het konden verbeteren. En steeds als een groot of klein mens het gelezen had, was de reactie: ‘Dit verhaal moet verteld worden’. En zo leefde Vlindertaal verder. In het hoofd van de schrijver en op papier tenminste. 


Maar met alleen papier en letters kom je er niet. Vlindertaal had een nieuwe vorm nodig, de vorm van verbeelding in lijnen. En zo ontmoette de schrijver iemand die het verhaal mooi vond en die heel goed snapt hoe je letters in een vorm kan gieten, een vormgever zogeheten. 

De letters kregen een nieuwe dimensie, zo dat er nog heel veel ruimte is voor eigen suggestie. Dus zonder kleur, met open tekeningetjes en nergens een plaatje van het diertje waar het over gaat. Hoe die eruit ziet dat bepaal je namelijk zelf…


Deze combinatie van letters en van beelden werd samen een boek. In de hoofden van de schrijver en de vormgever en op de computer tenminste. De twee ontmoetten een bevlogen drukker die de nieuwe vorm mooi vond en heel graag een bijdrage wilde leveren om het vast te kunnen pakken. Dat lijkt heel simpel, maar duurt in tijd best even. Op zoek naar het juiste formaat, het juiste papier, de kleur, de kaft, het lintje, je bent zo maar een paar maanden verder. 


En op een mooie zomerdag in augustus 2015 was ons boek Vlindertaal klaar. Wij zijn trots op het resultaat en willen het graag delen. Omdat wij het met overtuiging en aandacht gemaakt hebben, omdat het anderen misschien verder helpt en omdat het tot de verbeelding spreekt. Juist dat delen maakt het ook spannend, want nu de drukker klaar is, kunnen de letters de wereld in. Zo ver dat je het niet meer kunt zien. Maar laat dat nou net de bedoeling zijn. 

 

Vlieg jij met ons mee? 


Wij wensen je een mooie verbeelding toe. Barbara & Matthja